Medium: Leslie Flint
Zitters: Mrs.B.Greene & Mr.S.G.Woods
Transcriptie en voorlopige
vertaling van de bandopnamen gemaakt van een directe stem seance, op 27
januari 1964
Dit was de derde bandopnamen
die van Ellen Terry gemaakt werd.
Dame Ellen Alicia Terry
(1847-1928) stond op 9 jarige leeftijd op de planken.
Zij verwierf grote
vermaardheid door haar vertolking van :Shakespear en andere klassieke
werken.
Uit het eigentijdse
repertoire speelde zij o.a. op hoop van zegen, in het imperial theatre
in Londen. (waar zij directrice was)
E.Terry: Ik ben zo verheugd
hier weer te zijn.
Woods: Wij zijn zeer
verheugd dat u gekomen is.
E.Terry: Ik ben er nooit
zeker van of u mij goed kan verstaan.
Woods: Wij kunnen u
werkelijk erg goed verstaan.
Greene: Ja, u is heel
duidelijk.
E.Terry: Ik weet heel zeker
dat ik nooit, nooit hieraan zal wennen.
Woods: U doet het anders erg
goed.
E.Terry: Elke keer dat ik
tracht met u te spreken ben ik mij werkelijk erg bewust van alle
moeilijkheden.
Ik denk niet dat het voor
iemand aan uw zijde mogelijk is om te beseffen hoe erg, erg moeilijk
het is om te proberen een conversatie te voeren, te proberen zijn
gedachten enigszins duidelijk over te brengen, te proberen onder zulke
gedwongen en moeilijke omstandigheden woorden uit te spreken.
Ik ben er trouwens vrij
zeker van dat het nooit bevredigend aan u uitgelegd is en ik ben er
trouwens vrij zeker van dat iemand aan deze zijde ooit mag hopen dat
nog te kunnen doen.
De moeilijkheden zijn
geweldig en ik neem aan dat het eigenlijk al bijzonder mag heten dat
wij spreken kunnen, dat wij iets kunnen overbrengen.
Als ik met u spreek zijn
hier overal omheen talloze zielen, waarvan ik er sommige niet ken,
anderen weer wel.
Toch zijn zij allen gekomen
met de wens om met u in verbinding te treden, al of niet persoonlijk,
om de kracht van hun liefde naar de aarde over te brengen en naar u in
het bijzonder vanwege het werk dat u nastreeft om de mensheid te
verlichten.
Eigenlijk is het al weer
enige tijd geleden dat ik voor het laatst met u sprak, maar toch in een
land als het mijne, waar de tijd niet bestaat, is men zich er altijd
bewust van als men contact of een band met uw aarde tracht te leggen en
door uw gedachten worden wij eigenlijk tijd gewaar.
Het is buitengewoon moeilijk
om aardse herinneringen vast te houden.
Als wij, zoals ik nu, voor
meer dan veertig jaar hier zijn, dan is het buitengewoon moeilijk om
een of andere herinnering of gebeurtenis uit het verleden weer voor de
geest te halen, want het lijkt allemaal zo lang geleden.
Men heeft zich natuurlijk
aangepast aan zijn nieuwe leven, dat zo gevuld is met interessante
dingen en gebeurtenissen, dat het praktisch onmogelijk is ze in woorden
over te brengen, hoe zeer men dat ook zou willen, omdat zoveel dat aan
deze kant van het leven plaats vindt niet in woorden aan u uitgebeeld
kan worden.
Ik voel inderdaad elke keer
dat ik kom meer en meer de moeilijkheid om iets over te brengen dat
enige betekenis voor u heeft, of misschien van enige grote waarde voor
u zou kunnen zijn. Alles moet vertaald worden in aardse begrippen en
daarom ben ik er zeker van dat andere, die komen, veel hetzelfde zeggen
en gebeurtenissen en voorvallen aanhalen, die op die van mij gelijken,
op een niveau, dat slechts in zekere zin omschreven kan worden als een
materialistische voorstelling van geestelijke zaken en ik vind, dat in
zeker opzicht zo veel nonsens wordt verteld over spiritualiteit en
geestelijke toestanden.
Dit valt misschien
hoofdzakelijk terug te voeren tot de talrijke verwijzingen in talloze
jaren naar bijbelse gezegden en gebeurtenissen en de geestesgesteldheid
van de kerkelijke geestelijkheid misschien, wiens begrip van
geestelijke zaken soms, in zekere zin, op zijn zachtst uitgedrukt erg
gekleurd door dingen, die op zichzelf ver afgaan van de werkelijkheid,
van wat wij onder het woord en de uitdrukking: geestelijk, verstaan.
Geestelijk is niet
noodzakelijkerwijze godsdienstig.
Telkens wanneer ik terug
denk aan aardse begrippen van geestelijke zaken dan zijn die altijd
weer verbonden met, of beïnvloed door, de uitleg die er door de kerk
aan gegeven werd. Spiritualiteit behoeft niet dat te zijn wat er de
schijn van heeft, of wat er door mensen op aarde over verteld is.
Spiritualiteit hoeft in
zekere zin niets met godsdienst als zodanig te maken te hebben en heeft
dat feitelijk zeer zelden.
Ik zou zelfs zo ver willen
gaan door te zeggen dat ware spiritualiteit feitelijk een vlucht is van
wat men in de godsdienstige gedachtewereld heeft ervaren.
Er wordt zoveel gesproken
over het geestelijke leven, maar zo weinig mensen weten wat het is of
wat het werkelijk betekent en men kan nauwelijks verwachten dat men kan
begrijpen wat er met een geestelijk wezen bedoeld wordt, totdat men er
een geworden is.
Men moet stellig veel van
zijn ideeën en theologische opvattingen over een geestelijk leven en
bestaan overboord zetten, wil men hier een geestelijk persoon zijn.
Ik zou zelfs willen zeggen
dat dit het natuurlijke leven is en het uwe het kunstmatige en dat het
ware natuurlijke leven in zekere zin een geestelijk leven is.
Zegt Paulus niet dat we een
fysiek lichaam en een natuurlijk lichaam hebben ?
We hebben een natuurlijk
lichaam, maar het wordt soms verward met het geestelijke lichaam. Dit
is het natuurlijke bestaan, het leven dat geestelijk genoemd wordt en
het materiele leven is een zeer flauwe weerspiegeling van die
werkelijkheid.
In zekere zin hoeft niemand
de dood te vrezen, want hoe hij ook moge zijn, hoe onontwikkeld of hoe
laag die persoon ook gezonken moge zijn, hier zijn variërende gradaties
van bestaan, verschillende sferen van ontwikkeling, waar ieder individu
zijn eigen plaats vindt en er is groei er is geen stilstand.
Er is evolutie die door
stadia en condities gaat en de ziel groeit met zekerheid in kennis en
ervaring.
Ik zou zeggen dat de
waarlijk geestelijke mens, die persoon is, die al veel van het
materiele is kwijtgeraakt en werkelijk begrepen heeft en deel uitmaakt
van dit leven, dat zo groots is zijn conceptie en zijn ervaring is dat
men zich er meer en meer bewust van wordt en zich ernaartoe en er mee
ontwikkelt, zodat men er waarlijk geestelijk door gegroeid, bewust en
gewaar van wordt, maar niet in een bekrompen zin, wat de aarde
daaronder verstaat, maar zonder angst, zonder enigerlei nadeel dat de
mens zo stevig aan de aarde verankert, als hij nog in het lichaam
leeft.
Hier wordt geen beperking
gesteld aan ontplooiing en zelf, expressie.
Hier doet men kennis en
ervaring op en hier legt men meer en meer het oude zelf af om werkelijk
vrij te worden en ik denk dat vrijheid van expressie, vrijheid van
bewustwording, vrijheid van gedachte waarlijk de geestelijke zegen is
die ons allen geleidelijk bereikt en die ons dat geestelijk bewustzijn
en die gewaarwording geeft en die waarlijk de voorwaarden schept
waaronder een geestelijk leven kan ontstaan.
Het zijn echter de enige
beperkingen van de aarde die mensen verhinderen om geestelijke wezens
te worden, men moet ook volkomen en absolute vrijheid van expressie in
de hoogste betekenis van het woord kennen om al het materiele af te
kunnen leggen.
Alles wat iemand beneden
vast houdt, alles dat iemand verhindert zich uit te drukken en
ontplooien, alles dat de neiging toont om te verhinderen dat het
menselijk leven op aarde zich ontwikkelt, groeit en uitdrukt, moet
slecht zijn en is dat ook.
Alles dat te niet doet,
alles dat het voor een menselijk wezen, hoe dan ook, onmogelijk maakt
zich vrij uit te drukken en te denken moet slecht zijn en is dat ook.
Er wordt zo veel onderwezen
dat verkeerd en onwaar is; er wordt zoveel verondersteld, er is zoveel
dat volkomen op gissing berust en ongetwijfeld wordt het soms aan de
mensen op aarde gegeven met het vooropgezette doel om groei en
ontwikkeling tegen te houden.
Van de godsdienstige
leerlingen kan stellig veel teruggevoerd worden tot individuen uit
vroegere eeuwen, die de macht voor zichzelf gebruikten, of voor dat wat
zij goed vonden en waarvan sindsdien het tegengestelde is gebleken.
Alles dat te niet doet,
alles dat vrijheid van gedachte en expressie tegen houdt moet slecht
zijn en ik vind dat er zoveel mensen hier komen met vastgeroeste
ideeën, die door hun hele bestaan heen hebben wortel geschoten.
Vaak waren zij door angst
bang om hun ware gevoelens en emoties te laten blijken, om een nieuwe
gedachten gang te volgen, zelfs om boeken te lezen die hun geweldig
hadden kunnen helpen, maar het werd ze verboden.
Hier betekent een geestelijk
leven een leven van volkomen en absolute vrijheid waarin men alle
ervaring en kennis in zich kan opnemen.
Grote leraren uit andere
sferen komen naar de lagere om raad, leiding en steun te geven.
Hier heerst volkomen
eenheid, harmonie en liefde.
Hier heerst waarlijk
broederschap.
Hier vindt men de wijsheid
van alle tijden die op allerlei wijze tot uitdrukking wordt gebracht
door allerlei mensen zonder aanzien van klasse, geloof, of kleur naar
aardse opvattingen.
Ik zeg dat de mensheid in uw
wereld wordt tegengehouden omdat zij zich helaas vastklampt aan oude
ideeën en idealen, aan overleefde geloven en godsdiensten, aan
barrières, die opgebouwd zijn door verdeling in klassen en door
onwetendheid en dat de mensen van het ene land gescheiden worden
gehouden van die van het andere door vaderlandsliefde en verkeerde
idealen.
Wij willen de barrières
slechten die de mensen gescheiden heeft gehouden.
Wij willen een nieuw besef
brengen van Gods liefde en bedoeling en u een blik gunnen in wat
waarlijk geestelijk leven is.
zie: Seance: Ellen Terry
(Deel Twee)